Buitenfitness: een buitenkans voor Beijum

De werkgroep Buitenfitness Beijum heeft in de afgelopen maanden veel gesproken met betrokkenen in de wijk. In deze tijd heeft de werkgroep een mediastilte in acht genomen om deze gesprekken niet te storen. In deze tussenstand proberen we meer duidelijkheid te creëren over wat ons initiatief in de kern inhoudt, wat ons drijft en hoe we tot de realisatie denken te komen.

Wat is buitenfitness?

Het woord zoemt in de wijk, maar wat het inhoudt? Niet iedereen heeft daar een beeld bij. De werkgroep omschrijft buitenfitness als een vrij toegankelijke fitnessplek voor individuele sporters en sporters in groepsverband. Hiermee wil de werkgroep een laagdrempelige en kosteloze vorm van sporten creëren. Sinds anderhalf jaar geleden noemen we het woord ‘beweegtuin’ niet meer, omdat dit, in de sportliteratuur, gericht is op ouderen. Buitenfitness is gericht op alle leeftijden en dat woord past dan ook veel meer bij het streven van de werkgroep.

Past buitenfitness in Beijum?

In het wijkperspectief staat te lezen dat Beijum een springplank wil zijn voor iedereen, jongeren in het bijzonder. “Het motto in Beijum is: in de jeugd blijven investeren en de jeugd kansen bieden, ook in de eigen wijk”. Dat is dan ook meer dan nodig, want in de stad heeft 20% van de jeugd psychische en/of sociale gedragsproblemen. In de wijk Beijum bovendien leeft 21% van de bewoners van een uitkering; het hoogste percentage van de hele stad. Omdat het brein in de kindertijd nog volop in ontwikkeling is, is het essentieel om een verrijkte omgeving in te richten. Zodoende wordt het kind uitgedaagd. Buitenfitness wil voor deze jongeren een springplank zijn. De werkgroep staat in de startblokken om de benodigde veerkracht en weerbaarheid te gaan leveren. Dat is een belangrijke motivatie voor de werkgroep. De vele organisaties waar de werkgroep in de afgelopen anderhalf jaar mee heeft gesproken, zeggen het belang van buitenfitness in de wijk te erkennen.

Een ander deel van de Beijumers heeft het leven goed op orde en organiseert vandaag de dag, al dan niet samen met anderen, zijn eigen sportactiviteiten. Daarbij komt dat meer dan 1 op de 7 Nederlanders sport bij een fitnesscentrum (blijkt uit een onderzoek uit 2010); voor Beijum zal deze verhouding niet anders zijn. Deze gegevens in combinatie met de belangstelling van de Gemeente Groningen voor de maatschappelijke functie van sport en de aandacht voor het sportiever maken van de openbare ruimte, maken het burgerinitiatief in theorie zeer kansrijk.

Waarom buiten?

Als binnenfitness zo enorm populair is, waarom zou je dan een faciliteit voor buitenfitness willen aanbieden? Uit onderzoek blijkt dat binnensport op de lange termijn niet stimulerend is. Een onderzoek uit 2010 schrijft: “Bij deelnemers aan programma’s die vrijwillig en matig intensief bewegen in de buitenomgeving dichtbij huis, blijkt daarentegen ook op de lange termijn de uitval gering te zijn.”

Ook uit ander onderzoek blijkt dat een groot deel van de leden van fitnesscentra na één tot twee jaar afhaakt. Bovendien is het abonnementsprijs voor mensen met een kleine portemonnee te hoog.

Zijn er andere plekken in Nederland waar het werkt?

In de afgelopen anderhalf jaar heeft de werkgroep diverse werkbezoeken afgelegd verspreid over het land. Van Leek tot Limburg, van Noord-Holland tot Nijmegen, ze zijn er geweest. De werkgroep ontdekte een groot verschil in kwaliteit, functionaliteit en prijs tussen leveranciers en sportplekken. In dit traject liep een afstudeerder van de Hanzehogeschool Groningen mee die een half jaar onderzoek voor de werkgroep heeft verricht en zelf ook meer werkbezoeken heeft afgelegd. Sommige plekken functioneren erg goed, terwijl andere sportplekken dag in dag uit ongebruikt worden. De plek die de werkgroep voor ogen heeft in Beijum is uniek. Het plan is zo ontwikkeld dat rekening is gehouden met alle voorhanden zijnde onderzoeken.

Wat is het ontwikkelde plan?

De werkgroep Buitenfitness Beijum wil de openbare ruimte in de wijk sportiever en socialer maken. Zij willen een sportplek realiseren die uit vier onderdelen bestaat:

  1. Buitenfitness toestellen
  2. Bootcamp Gym
  3. Survivalbaan
  4. Jeu de boulesbaan

Deze onderdelen spreken ieder een eigen doelgroep aan. Een draagvlakonderzoek voor buitenfitness in de wijk laat zien dat bijvoorbeeld 50-plussers graag een jeu de boulesbaan willen. Voor kinderen is een survivalbaan natuurlijk heel erg uitdagend en de Bootcamp Gym is een ideale uitleefplek voor de leeftijdscategorie van 10 tot circa 50 jaar jong. Iedereen kan terecht op de instelbare buitenfitnessstoestellen: van kind tot oudere, van revaliderende tot topsporter. Een ieder kan via een heuse Beijumse app met elkaar afspreken.

Wat is het verschil met de beweegtuin aan de Kornalijn?

In de Beijumkrant van maart stond een artikel van Mike Tomale over de beweegtuin in Vinkhuizen. De NOVO in Vinkhuizen heeft op eigen terrein een beweegtuin aangelegd. De Kornalijn is in bepaalde zin een voorbeeld voor het burgerinitiatief Buitenfitness Beijum.

De Kornalijn ligt op het terrein van de NOVO, en kost €130.000 (plus de extra toestellen voor de jeugd) en de primaire doelgroep zijn de NOVO-cliënten. Het plan van Buitenfitness Beijum kiest voor een openbare locatie en kost €100.000 (plus voor het bouwrijp maken van gemeentegrond €20.000). De primaire doelgroep is de ongeorganiseerde sporter (al dan niet in een lichte sportgemeenschap). Er zijn enkele overeenkomsten. Toch is het vergelijken van de beweegtuin de Kornalijn met het plan dat voor Beijum klaarligt, het vergelijken van appels met peren.

Welk draagvlak is er geconstateerd?

Vanuit de werkgroep De Groene Long en vanuit de Bewonersorganisatie Beijum is er kritiek geweest op het draagvlakonderzoek, gehouden medio vorig jaar. Het draagvlakonderzoek heeft een steekproefgrootte van 269 respondenten. Bij een gebruikelijke steekproefmarge van 5% en een populatie van 13.000 mensen is de betrouwbaarheid van dit onderzoek meer dan 90% zeker te noemen (dit percentage wordt relatief vaak bij sociologisch onderzoek gebruikt).

Uit het onderzoek komt bijvoorbeeld naar voren dat 60% van de Beijumers de locatie idealiter in het midden van de wijk wenst. Dit betekent dan ook, uitgaande van de 5% steekproefmarge en op 90% betrouwbaarheid, dat hiermee hard gemaakt is dat 55-65% van de Beijumers (7.150 tot 8.450 inwoners) buitenfitness in het midden van de wijk wil hebben. Deze cijfers zijn voor 90% betrouwbaar. Ook bleek dat 28% (de grootste groep) van de Beijumers de buitenfitnesslocatie in de Groene Long willen hebben: 2.990 – 4.290 mensen.

Niet alleen een groot deel van de wijkbewoners wil buitenfitness in het midden van de wijk. De werkgroep hecht veel waarde aan de richtlijn van het NLA Wijkteam om de buitenfitness in het midden van de wijk te realiseren. Wat voor de werkgroep misschien wel zwaarder weegt is de richtlijn uit onderzoeken dat een buitenfitnesslocatie middenin een wijk dient te liggen om tot een veelgebruikte locatie uit te groeien.

Andere feiten die uit het draagvlakonderzoek naar voren kwamen zijn dat éénderde van de wijkbewoners sport in georganiseerd verband, éénderde sport individueel of ongeorganiseerd en éénderde sport, voornamelijk tegen eigen zin in, niet. Driekwart van de sportende wijkbewoners sport tussen de 1 en 3 keer per week. Kortom: Beijum is een heel sportieve wijk waar buitenfitness goed bij aansluit. Dit rapport is overgenomen door de Gemeente Groningen en daarmee is er bewijs dat de cijfers over het draagvlak deugdelijk zijn.

Eerst de financiën of de locatie regelen?

Dient de werkgroep eerst de financiën voor elkaar te krijgen? Of zou er idealiter eerst een locatie uitgekozen moeten worden? Kortom: welke stappen zullen er gezet moeten worden en in welke volgorde? Hiske Wiggers (buitenfitnessdeskundige) zegt: “Er bestaat een verband tussen de omgeving, de inrichting van de omgeving en het gebruik van een dergelijke voorziening. De condities van de omgeving moeten aansluiten bij de wensen, behoeften en motieven van gebruikers.” De inrichting en de locatie zijn doorslaggevend voor het gebruik.

Aan de inrichting is het afgelopen jaar hard gewerkt. Ook zijn diverse partijen binnen en buiten de wijk benaderd om mee te helpen in beheer en onderhoud. Deze partijen zijn zeer geïnteresseerd, maar er ontbreekt nog één ding: de locatie. Voor de werkgroep is het duidelijk dat een goede locatie onmisbaar is als het gaat om het wel of niet trekken van gebruikers. Voor financiers is een locatie ook zeer belangrijk. Fondsen en instellingen betalen namelijk graag mee aan toestellen die gebruikt worden.

Beijum heeft een aanbod gekregen waarbij de eerste vijf jaar onderhoud gratis is en met een duurzame garantie van 15 jaar. Daarbij komt nog eens een half jaar gratis drie keer in de week een bootcamp training voor een ieder die mee wil doen en de opleiding van toekomstige trainers. Hiermee geeft de fabrikant en leverancier van de toestellen, Rob Boogmans, te kennen veel potentie in het plan te zien. Volgens de sportwetenschapper Boogmans kan op deze wijze de buitenfitnessplaats in Beijum een voorbeeld worden voor andere wijken en plaatsen.

Wat is de volgende stap?

Voor Beijum is buitenfitness een buitenkans. Het plan is klaar, diverse organisaties willen inspringen… Buitenfitness komt er als er knopen worden doorgehakt op het gebied van de locatie en de financiën. De werkgroep staat open voor ideeën en staat te popelen om aan de slag te gaan. De werkgroep zoekt in de komende maanden nieuwe wegen om het draagvlak te vergroten en de verbinding te zoeken met constructieve organisaties in de wijk. Vind je dat buitenfitness ook een buitenkans is voor Beijum? Meld je aan voor de update op www.buitenfitnessbeijum.nl.

ingezonden op 16-5

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.